By Snijders
Uitzicht vanuit een paraglider boven een bergkam met sneeuwvelden

Hike & fly · Bergen · Paden dicht bij huisEven voorstellen

Even voorstellen

Ik woon in Nederland.
Maar de bergen blijven trekken.

Hike & fly geeft me een reden om naar buiten te gaan, te blijven trainen en te ontdekken waar het volgende pad naartoe leidt. Meestal begint dat dicht bij huis: op een bospad of op hetzelfde kleine heuveltje, telkens weer omhoog en omlaag.

Hier deel ik wat ik onderweg meemaak, van de dagelijkse voorbereiding tot dagen in de bergen. Ook ik ben nog steeds aan het ontdekken wat werkt.

Nieuwste verhaal

Wat ik onderweg meemaak.

Hike & fly · Mijn tweede wedstrijd

Een moment van rust

Ik hoopte op een plek in de top tien. Als ik terugdenk, zie ik vooral dat moment bij TP2: mijn dochter die hielp, de rust die ik wilde bewaren en een volgende vlucht voor me.

Meer verhalen

Paarse heide en glooiende paden dicht bij huis in Nederland

Trainen ·

Trainen voor de bergen, gewoon in Nederland

Bospaden, een kleine heuvel en nog een keer omhoog. Een groot deel van mijn voorbereiding op de bergen gebeurt gewoon hier in Nederland.

Het volgende hoofdstuk

Op weg naar
Wanderbird 2027.

Een nieuwe wedstrijd om naartoe te werken. Met tussen nu en de start vooral veel gewone trainingsdagen.

Ik deel de voorbereiding zoals die verloopt: de kleine stappen, de twijfels en de dagen waarop ik zin krijg om weer naar buiten te gaan.

Een pad met uitzicht op een turquoise meer tussen hoge bergen

Mijn verhaal

Mijn eigen weg vinden

Tijdens een vliegtrip in de Franse Alpen ontstond het idee om aan hike & fly te beginnen. Zelf de berg oplopen met mijn scherm op mijn rug en daarna vliegen, als de omstandigheden het toelieten. Ik wilde ontdekken of dat iets voor mij was.

Ik heb een duidelijk doel nodig om ergens naartoe te werken. Toen ik Wanderbird tegenkwam, besloot ik in 2025 mee te doen. Ik had twee jaar om me voor te bereiden.

Alleen wist ik niet goed hoe.

Ik begon met hardlopen. Eerst vijf kilometer, daarna tien en uiteindelijk eenentwintig. Ik dacht dat ik daarmee een heel eind zou komen. Pas tijdens mijn eerste wedstrijd merkte ik wat er nog ontbrak. Mijn uithoudingsvermogen was redelijk. Eén berg oplopen ging wel, maar daarna nog een was te veel.

Thuis zocht ik verder. Ik bedacht dat ik voor elke honderd hoogtemeters een kilometer extra moest kunnen rennen. Achteraf was dat een te eenvoudige rekensom, maar toen gaf het me houvast. Ik ging meer hardlopen, liep op een hellende loopband en begon op de StairMaster.

Voor mijn gevoel hielp vooral de StairMaster. De rest leverde in de bergen minder op dan ik had verwacht.

Tijdens een community hike & fly dacht ik dat mijn voorbereiding eindelijk klopte. Het eerste stuk kon ik goed meekomen. Maar na ongeveer vijfhonderd hoogtemeters kwam de man met de hamer. Waar ik dacht dat ik er was, bleek ik nog lang niet te zijn.

Dat was lastig. Ik stak er veel tijd in, maar wist nog steeds niet goed wat ik nodig had.

Ik ging op zoek naar routes met steile stukken, voldoende afstand en hoogtemeters. In Nederland betekende dat ook: dezelfde helling op, weer naar beneden en opnieuw omhoog. Daarnaast ging ik twee keer per week naar de sportschool voor de StairMaster en krachttraining, met nog een extra dag hardlopen.

Zoektocht naar klimtraining: een lange trap tussen de bomen

Of die aanpak in de bergen beter werkte, kon ik toen niet uitproberen. Zes weken voor de Wanderbird Adventure werd ik aangereden door een mountainbiker en liep ik een blessure op.

Het was niet mijn eerste blessure, maar deze kwam vlak voor de wedstrijd waar ik naartoe had gewerkt. Ik ging veel naar de fysiotherapeut. Hij hielp me goed en probeerde me gerust te stellen. Toch bleef ik bang dat het een probleem zou worden.

Tijdens de Adventure moest ik stoppen. De blessure speelde mee, maar ook mentaal liep ik vast. Dat was een grote klap.

Met wat afstand begon ik anders naar die dagen te kijken. Het weer bracht harde wind, waardoor vliegen niet mogelijk was. Na negenentwintig kilometer wandelen met een zware rugzak stapelden de vermoeidheid en teleurstellingen zich op. Ook mijn materiaal gaf problemen. Die rugzak van zeventien kilo voelde onderweg heel anders dan tijdens een gewone tocht.

Via de coaching van Paul Guschlbauer leerde ik zijn drie pijlers beter begrijpen: natuur, mens en materiaal. Ik kende ze al in theorie. Tijdens die Adventure voelde ik hoe sterk ze met elkaar samenhangen.

Achteraf vroeg ik me af of mijn kuitblessure de volledige reden was geweest om te stoppen. De blessure was echt, maar er speelde meer. Het weer, mijn verwachtingen, de twijfel en de problemen met mijn uitrusting versterkten elkaar. Dat inzicht hielp me begrijpen wat er was gebeurd.

Pauls coaching en de steun van mijn gezin en vrienden hielpen me door die periode heen.

Voor de volgende wedstrijd begon ik bij herstel. Eerst moest de blessure over zijn. Daarna hervatte ik de training en keek ik wat er nog mogelijk was. Alle kennis en ervaringen probeerde ik samen te brengen in een plan.

Mijn doel was een plek in de top tien.

Ik wist dat ik niet de snelste bergop zou zijn. Mijn kansen lagen meer bij het vliegen, het lezen van het weer en de keuzes onderweg. Ik wilde de kennis over wedstrijdvliegen die ik had opgedaan bewust gebruiken. Goed kijken, weten wanneer ik verder moest en blijven zien wat er om me heen gebeurde.

Rustig blijven. Geconcentreerd blijven. Bij mijn plan blijven.

Een moment dat me is bijgebleven, was de landing bij TP2. Mijn dochter hielp daar als vrijwilliger. Ik wist hoe spannend ze dat vond. Haar daar te zien staan, maakte me trots.

Zelf voelde ik de rust die ik vooraf had gezocht. Ik nam de tijd, maakte me klaar en vloog verder.

Aan het einde maakte ik een fout bij een keerpunt. Daardoor moest ik alsnog een stuk lopen en werd ik vierde. Natuurlijk baalde ik daarvan. Maar de trots was groter. Ik had op de top tien gehoopt. Dit had ik niet verwacht.

Vooral na afloop kwam het vertrouwen terug. Ik wist beter wat ik kon en waar ik nog aan moest werken.

Wedstrijdbeeld met een paraglider over de schouder
© Lukas Anzinger

Wat begon als een doel om voor te trainen, is inmiddels een deel van mijn leven geworden. Ik blijf nieuwsgierig naar wat werkt, wat ik kan verbeteren en wat anderen me kunnen leren. De mensen en vriendschappen horen daar net zo goed bij als de wedstrijden.

En dan zijn er de bergen. Een klim die soms zwaar is, tot je om je heen kijkt en denkt: kan het nog mooier? Honderd meter verder blijkt dat te kunnen. En als het weer het toelaat, pak je boven je scherm uit en vlieg je.

Uitzicht vanuit het harnas boven een bergkam met sneeuwvelden

Ik woon nog steeds in Nederland. Veel van mijn voorbereiding gebeurt op een bospad, in de sportschool of op hetzelfde heuveltje, telkens weer omhoog en omlaag.

Daar werk ik nu toe naar Wanderbird Adventure 2027. Met meer ervaring, maar ook nog genoeg vragen. Onderweg blijf ik leren.

Verhalen · Mijn tweede wedstrijd

Een moment van rust

Dit was mijn tweede hike & fly-wedstrijd. Ik hoopte op een plek in de top tien.

Bij TP2 hielp mijn dochter als vrijwilliger bij de wedstrijd. Ik wist hoe spannend ze dat vond. Haar daar te zien helpen, maakte me trots.

Om me heen was iedereen druk bezig om weg te komen. Ik voelde me rustig. Ik nam de tijd, maakte me klaar en startte richting het volgende keerpunt. Pas achteraf hoorde ik dat het anderen was opgevallen: terwijl iedereen haast leek te hebben, was ik rustig gestart en vooruitgevlogen.

Die rust wilde ik bewust meenemen in de wedstrijd. Mijn plan was in de basis eenvoudig: rustig blijven, geconcentreerd blijven en vasthouden aan wat ik had voorbereid.

Het juiste moment kiezen

Ik moest rekening houden met een inversie. Zo vroeg mogelijk bij het eerste keerpunt zijn, was dus niet per se het beste. Ik wilde binnen een bepaald tijdvak aankomen, een thermiekbel vinden en voldoende hoogte maken om naar TP2 te vliegen.

Daar hing de volgende keuze af van wat de lucht deed. Voor de landing wilde ik het gebied overvliegen en kijken of er al thermiek was. Als het werkte, kon ik de korte klim nemen. Zo niet, dan zou ik nog even wachten.

Dat is een van de dingen die me zo aantrekken in hike & fly. Er is altijd iets om over na te denken. Het weer, de route, de hoogte die je nodig hebt en of je plan onderweg nog steeds klopt.

Op een gegeven moment merkte ik dat ik niet hoog genoeg zat om door te vliegen. Ik vloog terug om opnieuw hoogte te maken. Dat lukte, en ik kon verder.

Trainen helpt me de berg op. Die keuzes leren maken is een ander deel van de sport, waarin ik me ook wil blijven verbeteren.

Nog één keerpunt te gaan

Vlak voor de finish maakte ik een fout.

Ik dacht dat ik TP6 had bereikt en landde bij TP7. Maar ik was nog niet bij TP6 geweest. In plaats van klaar te zijn, moest ik alsnog naar TP6 lopen en terug naar TP7.

Die fout kostte me een podiumplaats. Ik werd vierde.

Natuurlijk baalde ik. Ik bleef denken aan die laatste beslissing en hoe dichtbij ik was geweest. Maar vooral was ik trots. Ik was begonnen met het doel om tiende of beter te worden. Vierde was meer dan ik had verwacht.

Het gaf me ook een nieuw doel. Een podiumplaats voelde nu haalbaar, en daar wilde ik voor gaan.

Waarom ik blijf terugkomen

Hike & fly begon met een doel dat me motiveerde om te trainen. Onderweg werd het een deel van mijn leven.

Ik vind het leuk om uit te zoeken wat werkt: welke training helpt, waar ik sneller kan worden en wat ervaring me leert. Nieuwe mensen leren kennen, vriendschappen opbouwen en horen hoe zij dezelfde dag anders hebben aangepakt, hoort daar net zo goed bij.

En dan zijn er de bergen zelf.

Soms is de klim zwaar. Soms sta je even stil en kijk je om je heen, met de gedachte of het uitzicht nog mooier kan worden. Honderd meter verder blijkt dat gewoon te kunnen.

Als de omstandigheden het toelaten, pak je je scherm uit en ga je vliegen. Na de inspanning van het omhooglopen is die vrijheid boven de Alpen een gevoel waar ik steeds naar terugverlang.

Als ik terugkijk op deze wedstrijd, is er genoeg om van te leren. Maar er is ook dat moment bij TP2: mijn dochter die hielp, de rust die ik wilde bewaren en een volgende vlucht voor me.

Trainen · Dicht bij huis

Trainen voor de bergen, gewoon in Nederland

Glooiend heidelandschap in Nederland

Dezelfde heuvel op, naar beneden en weer opnieuw beginnen. De bergen zijn ver weg, maar een groot deel van mijn voorbereiding gebeurt hier, dicht bij huis in Nederland.

Op 1 september begon mijn training voor de Wanderbird Adventure 2027. Met de ervaringen van mijn eerdere wedstrijden weet ik nu beter wat me te wachten staat en waarvoor ik wil trainen.

Mijn doel is om acht dagen achter elkaar op pad te kunnen. Als richtpunt voor mijn voorbereiding houd ik iedere dag minstens twee beklimmingen van negenhonderd hoogtemeters aan, elk binnen tachtig minuten. En daarna moet er genoeg over zijn om de volgende dag opnieuw te beginnen.

Daar ben ik nog niet. Maar het doel voelt goed en haalbaar.

Mijn trainingsweek bestaat in de basis uit drie momenten. Op dinsdag doe ik klimblokken op de StairMaster en krachttraining. Donderdag ligt de nadruk op langer klimmen, aangevuld met kracht en core. Op zondag ga ik naar buiten, voor trailrunning en herhaalde beklimmingen.

Aan het begin van deze voorbereiding deed ik twee blokken van vier heuvelherhalingen, tijdens een training van in totaal tien kilometer. Op zondag 13 september waren dat tien herhalingen en twaalf kilometer trailrun.

Vandaag, 20 september, hield ik het bij zes herhalingen omdat ik ziek ben. Dat was dus een aangepaste training. De aantallen vertellen niet het hele verhaal; hoe ik me voel en herstel, hoort ook bij de voorbereiding.

Voor zondag 27 september staan twee blokken van acht herhalingen en in totaal vijftien kilometer gepland. Of ik die stap zet, hangt af van mijn herstel.

Uiteindelijk wil ik naar ongeveer vijfentwintig heuvelherhalingen en die belasting meerdere dagen achter elkaar aankunnen. Die herhalingen helpen me hier in Nederland aan klimwerk. Lange beklimmingen in de bergen en acht dagen onderweg zijn blijven het doel waar ik naartoe werk.

Bij mijn eerste voorbereidingen wist ik nog niet goed hoe ik daarvoor moest trainen. Ik ging steeds verder hardlopen en dacht dat dat voldoende zou zijn. Pas tijdens een wedstrijd merkte ik dat één berg oplopen iets anders was dan daarna nog een berg aankunnen.

Daarna volgde een periode van zoeken en uitproberen. Meer hardlopen, de hellende loopband, de StairMaster, krachttraining en steile routes buiten. Sommige dingen hielpen me meer dan andere. In de bergen ontdekte ik steeds waar nog werk zat.

Nu heeft mijn training meer richting. Ik weet beter wat mijn zwakke punten zijn en waar ik aan wil werken. Dat maakt de trainingen niet vanzelf makkelijker, maar ik begrijp beter waarom ik ze doe.

Daar hoort ook bij dat een planning soms verandert. Een training met minder herhalingen zegt op zichzelf weinig over de vooruitgang. Deze week speelt ziekte mee. Op andere momenten zal ik moeten kijken hoe ik de belasting verwerk en wat er daarna mogelijk is.

De komende maanden wil ik hier delen hoe die voorbereiding verloopt. De gewone trainingsdagen, de vooruitgang en de momenten waarop ik iets moet aanpassen. Vanuit mijn eigen ervaring, terwijl ik zelf ook blijf leren.

Misschien doe je al aan hike & fly. Misschien vlieg je al een tijd en vraag je je af hoe je met dat lopen erbij moet beginnen. Die vraag herken ik. Ik wist het ook niet toen ik begon.

Voorlopig ligt mijn trainingsheuvel gewoon in Nederland. Daar loop ik omhoog, weer naar beneden en nog een keer omhoog. Met de Wanderbird Adventure 2027 in gedachten.

Het volgende hoofdstuk

Op weg naar Wanderbird 2027

De vorige Wanderbird Adventure eindigde eerder dan ik had gehoopt. Ik moest stoppen. Dat kwam hard aan, na alle tijd en training die ik erin had gestoken.

Met wat afstand begon ik beter te begrijpen wat er was gebeurd. Mijn blessure speelde mee, maar ook het weer, de zware rugzak, de teleurstellingen en mijn eigen gedachten. Via de coaching van Paul Guschlbauer leerde ik hoe natuur, mens en materiaal elkaar beïnvloeden. Mijn gezin en vrienden hielpen me om weer vooruit te kijken.

Tijdens een volgende wedstrijd vond ik het vertrouwen terug. Ik had een plan, kende mijn sterke en zwakke punten en wilde rustig blijven. Mijn doel was de top tien. Ik werd vierde, ondanks een fout aan het einde.

Vooral achteraf betekende dat veel voor me. Ik wist beter wat ik kon en wat ik nog moest doen.

Nu werk ik toe naar de Wanderbird Adventure 2027.

Ik wil acht dagen achter elkaar onderweg kunnen zijn. Een berg oplopen, keuzes maken, vliegen wanneer het kan en de volgende ochtend weer verder. Daarvoor wil ik een basis opbouwen waarop ik meerdere dagen kan vertrouwen.

Als richtpunt voor mijn training houd ik dagelijks minstens twee beklimmingen van negenhonderd hoogtemeters aan, elk binnen tachtig minuten. Dat is mijn voorbereiding op wat ik wil kunnen; hoe de dagen tijdens de Adventure verlopen, zal ook afhangen van het weer en de route.

Op 1 september 2026 ben ik met die opbouw begonnen. Veel daarvan gebeurt gewoon in Nederland: op de StairMaster, met krachttraining en buiten op een heuvel die ik steeds opnieuw beklim. Het doel is duidelijker dan voorheen. Er is nog veel werk te doen, maar het voelt haalbaar.

Tegelijk gaat mijn voorbereiding verder dan trainen. Ik wil ook blijven leren over het weer, mijn materiaal en de beslissingen onderweg. Weten wanneer ik door kan, wanneer ik moet wachten en wanneer mijn plan aangepast moet worden.

Juist dat maakt hike & fly voor mij zo boeiend. Je bent voortdurend bezig met wat er om je heen gebeurt. Een goede keuze kan veel verschil maken. En soms loopt een dag heel anders dan je had bedacht.

Daarnaast zijn er de mensen die je ontmoet, de vriendschappen en de bergen zelf. Een zware klim met onderweg een uitzicht waarvoor je even blijft staan. Boven aankomen en, als de omstandigheden het toelaten, je scherm uitpakken. Daarna de vrijheid van het vliegen boven de Alpen.

Dat zijn de momenten waar ik naar uitkijk.

Op deze plek deel ik de weg naar 2027. De trainingen, de keuzes, de twijfels en wat ik onderweg leer. Hoe de Adventure straks verloopt, weet ik nog niet. Maar ik weet wel waarom ik er weer wil staan.